Mobiliteitsbudget - Fiscale aspecten

De bedrijfswagen is een hot topic in de Belgische media. Door de mobiliteitsproblemen op de Belgische wegen en de milieu- en klimaatproblematiek verhoogt de druk op de regering om iets te doen aan het wereldwijd gekende voordelige regime van de bedrijfswagen. De laatste tijd is er dan ook niet toevallig erg veel veranderd op het vlak van inkomstenbelastingen in dit verband. Zo werd er o.a.  via de Wet van 17 maart 2019 het mobiliteitsbudget ingevoerd. Via deze regeling kunnen werknemers in ruil voor hun huidige bedrijfswagen kiezen voor een milieuvriendelijke wagen, duurzame mobiliteitsoplossingen zoals onder andere trein, tram en bus en een cash vergoeding. 

Het mobiliteitsbudget bestaat uit drie pijlers
In pijler 1 kan het budget gebruikt worden ter financiering van een andere milieuvriendelijke bedrijfswagen. In pijler 2 kan het besteed worden aan bepaalde duurzame vervoermiddelen (in de zeer ruime betekenis die daaraan in deze context gegeven wordt). En wat op het einde van het jaar overblijft, wordt in pijler 3 in cash uitbetaald. In pijler 1 geldt het gewone fiscale stelsel dat ten aanzien van bedrijfswagens van toepassing is. Het budget dat in pijler 2 wordt besteed, is vrij van belasting. Hetzelfde geldt eveneens voor wat in pijler 3 in cash wordt uitbetaald (zij het dat op dat gedeelte een bijzondere sociale bijdrage van 38,07 % verschuldigd is). 

Met ingang van 1 januari 2022 (Wet van 25 november 2021) traden enkele nieuwe wetswijzigingen over het mobiliteitsbudget in werking. De aanpassingen hadden tot doel het oorspronkelijke toepassings-gebied te verruimen en te vereenvoudigen. In een circulaire van 15 februari 2022 licht de fiscale Administratie de aangebrachte wijzigingen toe.  

Voorts wordt het mobiliteitsbudget, via de Wet van 5 juli 2022, ook toegankelijk gemaakt voor het toekennen van een voetgangerspremie voor het woon-werkverkeer of een kilometervergoeding voor verplaatsingen van het woon-werkverkeer met voortbewegingstoestellen (zoals bv. een step). Initieel werd, ingevolge de Wet van 25 november 2021, bepaalt dat een voetgangerspremie belastbaar zou zijn in hoofde van de belastingplichtige. Omdat het echter nooit de bedoeling is geweest om de fiscale behandeling te wijzigen en uitgaven in pijler 2 belastbaar te maken (MvT nr. 55-2722/001, 8) werd van de Wet van 5 juli 2022 gebruik gemaakt om de wettekst op dit punt recht te zetten teneinde pijler 2 van het mobiliteitsbudget opnieuw correct vrij te stellen, zoals pijler 3 (aanpassing art. 38, § 1, lid 1, 33° WIB92).

In dit causerie is het de bedoeling om dieper in te gaan op de fiscale aspecten van het mobiliteitsbudget.
Daarbij krijgen volgende vragen o.a. een antwoord: 

  • Wat houdt het in? Wat valt er allemaal onder? 
  • Wie komt ervoor in aanmerking?
  • Bij wie ligt de beslissing tot het invoeren van een mobiliteitsbudget?
  • Hoeveel bedraagt het mobiliteitsbudget? Is er een limiet bepaald? 
  • Hoe ziet de fiscale behandeling eruit? 
  • Welke nieuwe keuzes zijn er mogelijk binnen het mobiliteitsbudget en welke keuzes zijn er niet meer mogelijk?
  • Moet een werknemer nog steeds een wachttijd doorlopen?
  • Moet het volledige mobiliteitsbudget in virtuele vorm op een mobiliteitsrekening ter beschikking worden gesteld van de werknemer?
  • Moet de werkgever duurzame vervoermiddelen in pijler 2 aanbieden?
  • Moet de werkgever het mobiliteitsbudget per kalenderjaar ter beschikking stellen?
  • Is er een formule beschikbaar om het bedrag van de bestedingen van het mobiliteitsbudget in pijler 1 te berekenen?
  • Heeft de werknemer recht op de belastingvermindering voor uitgaven voor de verwerving van een elektrische motorfiets, drie- of vierwieler wanneer hij een mobiliteitsbudget ontvangt?
  • Kan de omvang van het mobiliteitsbudget worden vastgesteld zonder rekening te houden met de kosten van de werkgever voor professionele verplaatsingen?
  • Is er een formule beschikbaar om de TCO (total cost of ownership) te berekenen?
  • Is het mobiliteitsbudget onderworpen aan een minimum- en maximumbedrag?
  • Kan het mobiliteitsbudget nog worden toegekend ter vervanging van een mobiliteitsvergoeding?

Ook het KB van 10 september 2023, dat twee formules, met ingang van 1 januari 2024, vaststelt voor de berekening van, enerzijds, het bedrag van het mobiliteitsbudget en, anderzijds, de bestedingen in de zogenaamde 'pijler 1', komt aan bod tijdens dit seminarie.

Tax Consultant VGD, Prof. FHS
Prijs:
€ 165

Het seminarie duurt 2 uur. 

U heeft de keuze tussen: 

  • het seminarie FYSIEK volgen op locatie in BRUSSEL, of
  • het seminarie volgen via LIVESTREAMING (real time), of
  • het seminarie UITGESTELD bekijken (on demand). 


Iedere deelnemer ontvangt na het beantwoorden van de aanwezigheidsvragen en de afsluitende toets, zowel bij een seminarie op locatie, een real time- als een on-demand-seminarie, een attest erkend door de volgende instituten:

  • het ITAA (categorie A);
  • het I.B.R.;
  • het BIV;
  • de Vlaamse Balies;
  • de Nationale Kamer van Notarissen. 
do 7/12/2023 | 14:00 - 16:00

Brussel - Odisee

Odisee Brussel

Stormstraat 2
1000 Brussel
België

Op map tonen

Bereikbaarheid: De campus is heel gemakkelijk te bereiken: te voet of met de fiets, met het openbaar vervoer, of met de auto.
Het station Brussel-Centraal ligt op wandelafstand van de campus. Om vanuit Brussel-Centraal tot aan de campus te geraken, volg je vanuit de grote hal van het station de Keizerinnenlaan. De vierde straat links is de Stormstraat.
De campus is vlot bereikbaar vanop de kleine ring rond Brussel.

Parking: de deelnemers aan de seminaries en de causerieën (met uitzondering van de Grondige Snelcursussen) ontvangen een gratis parkingticket dat enkel geldig is voor de volgende parkings:

 

PRINT

PRINT

do 7/12/2023 | 14:00 - 16:00

Real time

Een realtimeseminarie wordt op een vooraf bepaalde dag en op een vaststaand tijdstip gegeven. Je kan rechtstreeks en interactief deelnemen. 

ma 11/12/2023 - di 1/10/2030 | Heel de dag

On demand

Een on-demand-seminarie is een opname van een seminarie. De deelnemer kan deze opname bekijken op een door hem/haar zelfgekozen tijdstip. 

BIB